English Nederlands

Trainingen

De neurotherapie training begint met een kennismakingsgesprek, zodat de cliënt en de therapeut elkaar leren kennen en de therapeut een indruk van de klachten kan krijgen. Daarbij wordt ook een qEEG (quantitatieve ElectroEncefaloGram) gemaakt. Dit is nodig om te zien in hoeverre onbalans in het frequentiepatroon in de verschillende hersendelen valt waar te nemen.

Ook kan men zien of de verschillende hersendelen adequaat met elkaar communiceren. Op basis van deze gegevens zal de therapeut een behandeltraject voorstellen, toegesneden op de specifieke klacht(en) van de cliënt. In het behandeltraject wordt aangegeven welke protocols men nodig acht om het gewenste resultaat te verkrijgen.

Een protocol geeft aan op welke locaties op het hoofd men gaat werken en welke frequenties hier gemotiveerd of juist gedemotiveerd dienen te worden. Het is mogelijk dat in een sessie meerdere protocols achtereenvolgens worden uitgevoerd. Zo een protocol kan ook aangeven of andere feedbackparameters meegemeten dienen te worden, zoals hartslag, huidweerstand, spierspanning en/of lichaamstemperatuur.

Trainingstraject

Tijdens de intakeprocedure kan het zijn dat de gegevens worden uitgewerkt en met de betrokkenen worden besproken zodat men direct een indruk krijgt wat de bevindingen zijn en welk behandeltraject wordt voorgesteld.
Indien men een uitgewerkt schriftelijk behandelplan wenst te verkrijgen kan men hier de therapeut naar vragen.

Trainingsduur

Indien men besluit te gaan trainen worden minimaal 20 trainingsafspraken gemaakt. Dit aantal is nodig om blijvende resultaten te verkrijgen. De trainingssessies duren ongeveer een uur en vinden in principe twee keer per week plaats. Het is aan te raden de sessies in de week te spreiden. De hoeveelheid sessies die nodig zijn om blijvende resultaten te behalen verschilt per persoon en is ook afhankelijk van de klacht, maar zo'n twintig sessies is een goede richtlijn. Enige verbetering is vaak al te merken na tien sessies.

De behandeling zelf is pijnloos en zoals vermeld niet invasief. De therapeut plakt een of meerdere sensoren op de hoofdhuid. Deze sensoren 'luisteren' alleen; ze beïnvloeden de hersenen niet. Een versterker en een computer verwerken het signaal en leveren feedback. Afhankelijk van het specifieke protocol, wordt deze feedback gegeven in de vorm van een spelletje, een film, geluidssignalen of een combinatie hiervan. Zodra de sensoren aangeven dat de hersenen het gewenste hersenpatroon genereren, vindt er een beloning plaats, bijvoorbeeld door het scoren van punten in een spelletje of middels geluidssignalen. Ook is feedback mogelijk via het bekijken van een film/dvd naar eigen keuze, waaroverheen een venster open en dicht gaat: als de gewenste frequenties worden gegenereerd zal het venster verder open gaan en kan een groter deel van de film worden gezien.

Intensief trainingstraject

Ook is het mogelijk veel intensiever te trainen. De resultaten zullen dan ook sneller worden gerealiseerd. Maximaal kan 2 keer per dag worden getraind, maar men dient zich dan wel te realiseren dat geen andere werkzaamheden gedurende dit intensieve traject gedaan kunnen worden en is het aan te raden tussen de trainingen te slapen.


 print